Facilitatie Tools
Tools om je vergadering of bijeenkomst soepeler, efficiënter en/of democratischer te laten verlopen.
Deze handleiding is ook beschikbaar in PDF format.
Open in PDF
In deze handleiding vind je enkele tools waarmee je de vergadering of bijeenkomst soepeler, efficiënter en/of democratischer kan laten verlopen.
Deze tools zijn opgedeeld in de volgende categorieën:
1) Groepsvorming en basistools
2) Aanmoedigen van participatie en discussie
3) Besluitvorming faciliteren
4) Begrip van elkaars positie/visie bevorderen
5) Snel en gemakkelijk prioriteiten stellen
Opmerking: veel tools gaan uit van fysiek bewegen in de ruimte. Dit is een uitstekende manier om interactie te krijgen tussen mensen. Maar houd er ook rekening mee dat je activiteiten rolstoeltoegankelijk zijn als dat nodig is.
1. Groepsvorming en basistools voor elke bijeenkomstKennismakingAls je in een groep zit met mensen die onbekenden voor elkaar zijn, is kennismaking cruciaal om een leerproces als groep mogelijk te maken. Als je in een groep zit waar de meerderheid elkaar wel kent, maar waar enkele nieuwelingen bij zijn, dan is kennismaking essentieel om de nieuwe mensen houvast te bieden en ze te verwelkomen in de groep. Enkele suggesties >> Laat mensen zich in duo’s voorstellen aan elkaar. Vervolgens stel je je partner voor aan de groep. Check-inEen (korte) check-in is een onmisbaar onderdeel in elke vergadering. Het geeft een beeld van hoe mensen in de vergadering zitten. Als jij gestrest bent bijvoorbeeld, en erachter komt dat de helft van de groep dat ook is, zorgt dat voor herkenning en begrip. Of als blijkt dat iedereen erg enthousiast is over het project, dan zorgt dat voor een positieve energie tijdens de rest van de vergadering. Een (korte) check-in zorgt voor een beetje emotionele groepsbonding waarin mensen het gevoel hebben dat er plaats voor hun is, ook als ze misschien niet helemaal lekker in hun vel zitten. Enkele suggesties >> Weerbericht als metafoor voor hoe men zich voelt: angstig, moe, ongemakkelijk, vrolijk, ... Zichtbare notities / flappenNoteer belangrijke ideeën/bijdragen op een groot papier dat zichtbaar en leesbaar is voor iedereen. Dit helpt om te zorgen dat iedereen op de hoogte is van wat er wordt besproken. Ook worden ideeën beter onthouden en gaan ze niet verloren. Tip bij het opschrijven >> Zorg ervoor dat de aandacht gericht isop een “probleem” en niet op de deelnemers | 2. Om participatie en discussie aan te moedigenHet is niet vanzelfsprekend dat mensen participeren in de discussie/brainstorm/sharing/etc. Veel mensen vinden het niet prettig om de aandacht van de hele groep op zich te hebben, ook al hebben ze geweldige bijdragen. Zeker als de groepssfeer timide of ongemakkelijk is, kan het moeilijk zijn om mensen los te weken uit hun verlegen modus. Ook hiervoor zijn de kennismaking en check-ins belangrijk. Hieronder staan enkele tools die je kunt gebruiken om participatie en discussie aan te moedigen. Welke je gebruikt, is afhankelijk van de vraag/stelling die je hebt, en wat het doel is van je bijeenkomst. Sommigen kun je ook combineren (bijvoorbeeld ‘mingle’ en ‘zinnen afmaken’). MingleWillekeurige één-op-één-ontmoetingen, eventueel op muziek. Je geeft hierbij vragen of zinnen/vragen om te vervolledigen (zie hieronder). Zinnen afmakenOm een gesprek of reflectie in buddies/kleine groepjes mee te beginnen. Een andere vorm hiervan is woordassociatie. Bijvoorbeeld: “Je zal blij zijn dat ik je buddy ben, omdat …” RondjeLaat iedereen spreken terwijl je de ronde afgaat (al dan niet getimed). Een andere versie hiervan is het afsluitende rondje. Hierbij kan je bijvoorbeeld vragen om met één woord/beweging een idee of inzicht te delen met de groep. Parkeerplaats/ FietsenrekWanneer er iets aangedragen wordt dat op dat moment minder relevant is in het gesprek, noteer je het op een apart groot vel (de parkeerplaats/fietsenrek) zodat je er later mee aan de slag kan. Belangrijk >> zorg ook dat je tijd inbouwt om daadwerkelijk de geparkeerde ideeën later te bespreken, om te voorkomen dat ze alsnog vergeten of overgeslagen worden. |
HandsignalenSpreek af om handsignalen te gebruiken die de facilitatie en het vergaderen kunnen ondersteunen.Veelgebruikte handsignalen zijn: >> Een vinger opsteken: Ik wil spreken >> Twee vingers opsteken: Ik heb een directe respons op wat er nu gezegd wordt >> Met de handen wapperen, omhoog: Ik ben het er mee eens >> Met de handeren wapperen, omlaag: Ik ben het er niet mee eens >> Een T maken met twee handen; Een technisch punt, zoals: kan het raam dicht want het is koud. Als facilitator is het handig om van tevoren voor jezelf de prioriteit te bedenken van de signalen >> Bijvoorbeeld: technische punten altijd eerst, dan de directe respons, dan ‘gewone’ bijdragen. >> Voor ‘gewone’ bijdragen is het handig om een lijstje bij te houden van mensen die hun vinger hebben opgestoken, en hen te laten merken dat je hen gezien hebt. Zo voorkom je dat zij een kwartier lang hun hand in de lucht hebben, en je zorgt dat je mensen ook de beurt kan geven in de volgorde waarin zij hun vinger hebben opgestoken. >> Een andere manier om mensen te laten merken dat jij als facilitator goed oplet op opgestoken vingers: nadat iemand klaar is met praten, noem je kort de volgorde van namen van mensen die iets willen zeggen. Dit is ook een manier om de regie te houden als facilitator, wat handig is in grotere groepen, of discussies die verhit kunnen raken.
| 3. Om besluitvorming vooruit te helpen/ te verbreden /kennis te |
4. Begrip bevorderen van elkaars positie/gezichtspuntRollenspelDeelnemers hebben een specifieke rol binnen een scenario, en moeten in die rol kruipen om het scenario uit te spelen. Het kan leuk/behulpzaam zijn om mensen expres een rol te geven van iemand met een andere mening. Opmerking>> het kan tricky zijn om in je rollenspel rollen te baseren op identiteit of een specifieke ervaring. Denk goed na over hoe alle deelnemers (van verschillende posities/identiteiten) het rollenspel zouden kunnen ervaren. SimulatieDeelnemers verkennen een scenario. SpectrumlijnMaak een denkbeeldige lijn door de lengte van de ruimte heen. Deze lijn vormt een spectrum, met aan de uiteinden twee uitersten. Bijvoorbeeld: helemaal eens vs. helemaal niet eens. Vervolgens lees je stellingen voor en vraag je mensen om zichzelf op de lijn te plaatsen. Je kunt de lijn ook opdelen in ja/misschien/nee, of een andere indeling. De Spectrumlijn is een laagdrempelige manier om in één keer de samenstelling van de groep te zien. Bij elke vraag/stelling kun je mensen direct vragen om uit te leggen waarom ze die positie op de lijn hebben gekozen. SketchesKorte, voorbereide toneelstukjes die een situatie uitbeelden of een punt maken/verduidelijken. | 5. Snel & gemakkelijk prioriteiten stellenHanden tonenDoorloop de agenda en vraag aan deelnemers om hun handen te tonen ter indicatie van het belang dat ze hechten aan een bepaald agendapunt. De agendapunten die weinig stemmen hebben, kunnen geschrapt worden. StippenIeder heeft 1 tot 6 stippen (stukjes papier bijvoorbeeld) die ze kunnen inzetten op de lijst van ideeën. Bij meerdere stippen kunnen mensen kiezen of ze die verspreid inzetten of bij één idee. De ideeën met de meeste stippen zijn blijkbaar het belangrijkst. Evaluatie>> Som de positieve en negatieve zaken en de verbeteringen van het proces op. |
Tot slot
Bron: Vrije bewerking van Seeds for Change en ‘Kinds of lists’ en ‘elicitive tools’ van Training for Change.
Bewerking door Stroomversnellers van een eerdere bewerking door Tractie.
Interesse in het volgen van een training? Neem hier contact op.
Deze handleiding is onderdeel van de ‘toolbox voor bewegingen’. Deze toolbox bevat nog meer korte digitale handleidingen, met basiskennis over strategie, bewegingsopbouw, actievoeren en organizing.
Ook wij houden van leren. Dus heb je ideeën om deze handleiding te verbeteren of aan te vullen met jouw ervaringen? Laat het ons weten!